Meting van lading en impuls
Een belangrijke functie van de detector is het meten van de lading en de impuls (massa maal snelheid) van een deeltje. Daarom zijn de binnenste delen, met name de sporenkamer, in een sterk magnetisch veld.
Het teken van de lading kan makkelijk afgeleid worden uit de baan, want in hetzelfde magnetische veld worden positieve en negatieve deeltjes in tegengestelde richting afgebogen (in de tekening: elektronen omhoog, positronen omlaag).
De impuls ('momentum', hoeveelheid beweging, m x v) van een deeltje kan berekend worden met de kromming van de baan. Deze is kleiner voor een deeltje met grotere impuls, omdat dit korter in het magnetisch veld is, en/of een grotere massa heeft.
|