zeemeermin met spiegel, detail

Zeemeermin

Der Naturen Bloeme,
boek 4:

Sirena es die merminne.De sirene is de zeemeermin.
Fisiogolus hevet innePhysiologus vermeldt
dat si draghen wijfs ghelikedat ze een vrouwenlijf hebben
toter navelen sekerlike.tot aan de navel zeker.
Groet sijnsi ende wivelic ghedaen,Groot zijn ze, van vrouwelijke gedaante,
met langhen hare sonder waenmet lange haren stellig
ende dat groot ende grof mede.uitbundig en slordig ook wel.
Met haren kindren es hare sedeMet haar kinderen zijn ze gewend
dat sise in haren arme draghen,dat zij ze in haar armen dragen,
hevemen ghesien in someghen daghen,heeft men gezien op sommige dagen,
want si soeghen als vrouwen plien.

want zij zogen ze als vrouwen doen.

Scipliede alsise sienScheepslui, als zij ze zien
werpensi hem .i. idel vat,werpen ze een leeg vat naar haar toe,
die wile dat si handelen dat,en terwijl die handen zo bezig zijn,
vliensi danne van der merminnen.vluchten ze weg van de meerminnen.
Adelinus doet ons bekinnenAdelinus laat ons weten
dat si gheclawet als arne sijn mede.dat ze arendsklauwen ook hebben.
Ende oec na andre vissche sedeEn net als andere vissen
sijnsi ghescellet, ende ghestart,hebben ze schubben, en een staart
dar si hem mede stieren ter vart.waarmee ze zich sturen bij het zwemmen.

zeemeermin met spiegel

Londens hs (uit PB) 


Enen luud hebbensi so dore soete:Een geluid maken ze zo heel zoet:
alse scipliede met goeder moeteals scheepslui bij gelegenheid
ghent horen, so nes gheen mandat horen, dan is er geen man
die des slaeps ontvechten can,die aan de slaap ontkomen kan,
dan verdrincsise ende scueren.dan verdrinken ze hem en rijten 'm uiteen.
Men vintse te menegher uereMen vindt ze op allerlei tijden
in zewen, ende somwile in riviere.

in zeeën, en soms in rivieren.

Some, die kinnen hare maniere,Sommigen, die weten wat zij doen,
alsi vorbi sullen lidenals ze voorbij zullen varen
stoppensi hare oren tien tiden,stoppen ze hun oren dicht,
so dat si den sanc niet horen;zo dat ze de zang niet horen;
ende ne consise niet verdoren.en dan raken ze niet in de war.
Ulixus waent die meneghe medeOdysseus heeft naar men meent
dat eerst vant bendichede.deze list het eerst bedacht.


sirena
KB, KA 16.  


  In boek 12: zeemeermin gegraveerd op een witte steen, met spiegel en ".i. telch van .i. bome", dat is een boomtak*); de steen, in goud gezet en dan in de hand besloten, "latet sine dragre niet messchien" (laat zijn drager niets slechts geschieden). Even verder: een steen met een basilisk en een 'merminne', die beschermt tegen alle giftige beesten.
    *)  Een kam. Zie Medieval Bestiary, en koorbank-figuren.


  Elders in boek 4:

Nereides sijn wel bekintNereïden zijn wel bekend
over wonder die men in die ze vint,onder de wonderen in de zee,
die die heidine bekinnendie de heidenen erkennen
over hare zee godinnen.als hun zeegodinnen.
Plinius seit al over waerPlinius zegt dat het zo is
dat si sijn al ru ghehar,dat ze heel ruig zijn behaard,
ende int anschijn sonder waenen in het gezicht zonder twijfel
een deel na den mensce ghedaen.

gedeeltelijk als mensen gevormd.

Weltijt datter .i. sterven sal,Ten tijde dat er een sterven zal,
so hormenre droeve ghescaldan hoort men er droef geschal
van alden andren, clene ende groet.van de anderen, klein en groot.
Want si bewenen hare doot,Want zij bewenen haar dood,
die swar es, ende niet ne machdie zwaar is, en die niemand kan
ontgaen die leven onder den dach.ontvluchten, van allen die leven.


nereides
KB, KA 16.  



  De mannelijke tegenhanger is de zeemonnik, ook in boek 4:

Monachos maris es in die zeeMonachus maris is in de zee
.i. monc, dits wonder me.een monnik, en ook een wonder.
Hort wat wondre icker of lese,Hoor wat voor wonderlijks ik erover lees,
in die Bartschsce zee vindmen dese.in de Britse zee zijn ze te vinden.
Boven es hi sonder waenVan boven is hij ongetwijfeld
vele na den mensce ghedaen:vrijwel als de mens gevormd:
.i. brede crune, des ghelovet,een brede kruin, echt waar,
.i. rinc van hare up sijn hovet,een ring van haar op zijn hoofd,
also als die monc pliet.net als bij de monnik.
d'Upperste leppe en hevet hi niet;Een bovenlip heeft hij niet;
tande ende nese es hem al een.tanden en neus gaan samen.
Beneden ne hevet hi ghene been,Van onder heeft hij geen benen,
dar es hi alse en visch ghemaket.daar is hij als een vis gemaakt.

zeemonnik

Londens hs (uit PB)


Dit dier als hem.i. man ghenaket,Dit dier, als een mens hem nadert,
het dan springhet ende speelt,gaat dan springen en spelen,
ontier ende et dien raet gheteelttotdat het een middel vindt
dat hetten mach int water slepen.om hem in het water te slepen.
Ende alsettene also hevet ghegrepenEn als het hem dan heeft gegrepen
etet den man, om dat minneteet het de mens op, want het houdt
menschen vleesch vor al dat kinnet.het meest van mensenvlees.


monachos maris
KB, KA 16.  



  Afbeelding uit Jonston (1660, tekst): "Mensvormige vis".

Jonston



  Jonston verwijst naar Kircher, Magnes sive de arte magnetica (1643), p. 675 (afb. p. 676).
  Zie ook Aldrovandi, Monstrorum historia, 354 (Im. 361).
  En: Merfolk, bij Legendary Creatures.


  Tegenwoordig heeft een sirene niet meer een "luud so dore soete".
  Sirenen werden ook vaak voorgesteld als vogels. Zie: Pantheon, Sirens.
  In boek 6 is er een snelle slang die sirene heet, ook in Aberdeen Bestiary: speedy siren.


  De zeemonnik is de monniksrob geworden, met huidplooien als een monnikskap.
  Zie ook de zeeridder in boek 4. Afbeelding op koorbank.



Fabeldieren , Der Naturen Bloeme