Chr. Huygens | Oeuvres VII

Molens, 1671

[ 80 ]

No 1833.

Christiaan Huygens aan ?

Parijs, 9 juli 1671

    Nu ik de constructie gezien heb van de molens van Versailles om water te doen stijgen, die daartoe van de beste uitvinding zijn die men kan toepassen, heb ik opgemerkt

[ 81 ]

om ze te vervolmaken:

1o.   men zou ze kunnen maken zonder die staart die dient om ze te laten draaien op de wind, die onaangenaam is om te zien. In plaats daarvan is er bij onze molens in Holland een uitvinding binnen de molen op de hoogste verdieping waardoor deze beweging gebeurt, die niets anders is dan een molentje dat men met de hand draait, vastgemaakt aan de balken van de kap en een touw dat het omwikkelt, en dit maakt men vast met een haak eraan aan het einde van een der ... die met een aantal van 16 zijn ingestoken in de vaste cirkel waarop de kap rolt.

2o.   om de kap gemakkelijker te doen draaien zou het goed zijn weer de Hollandse manier te gebruiken, die is dat ze op de vaste houten cirkel die ik net noemde een andere cirkel aanleggen die in zijn omtrek 24 rollers bevat, welke cirkel niet is bevestigd aan die vaste eronder, en ook niet aan de kap; maar de kap rolt op de cirkel die dus ook vooruitgaat maar slechts de helft zoveel als de kapcirkel, zoals men gemakkelijker ziet in deze figuur.

rollers tussen 2 cirkels
cercle qui fait la base du toict
cercle aux rouleaux mobiles
cercle immobile

 
cirkel die de basis van de kap uitmaakt
cirkel met beweegbare rollers
vaste cirkel
 

Er is bovendien een andere houten cirkel die deze beweeglijke cirkel en die van de kap van buiten omgeeft om ze op hun plaats te houden, en in deze buitenste cirkel zijn 2 rijen horizontale rollers tegen één waarvan de beweeglijke cirkel met rollers draait, en tegen de andere de kapcirkel.

3o.   men moet de koperen tuimelemmers*) doorboren met een klein gat in de bodem, wat zal maken dat de molen bij minder wind zal beginnen te gaan dan hij nu zou kunnen doen, nu de tuimelemmers vol water blijven wanneer de molen ophoudt te gaan, wat een heel groot gewicht op de ketting geeft. En het valt niet te vrezen dat het water van de tuimelemmers door dit gat weg zal stromen, omdat het van de ene in de andere stroomt, en zo gaat er niets verloren. Er zal nog dit voordeel zijn dat de tuimelemmers bij het neerkomen in het water zich gemakkelijker zullen vullen dan ze nu doen, omdat de lucht er door de genoemde gaten uit zal gaan.


    [ *)  Zie:  'Le système hydraulique - Les premières installations hydrauliques de Versailles': in 1666 bouwden François en Pierre Francine drie windmolens bij de vijver van Clagny, die water opmalen door middel van een ketting met tuimelemmers — 24 m omhoog, volgens Evrard:
F. Evrard, 'Les eaux de Versailles', in Annales de Géographie, 42 (1933) 583-600.
Zie ook:  Château de Versailles, 'Les Francine' — Engl.]


    [ Over andere molens:
Chinese horizontale molen in deel VII: p. 108, 119 (fig.), 122, 263, 526.
Machine van Desargues (met fig.): p. 112.
Rosmolen (ca. 1677): XXII, 286.]




Home | Christiaan Huygens | VII | Molens 1671 (top)