Chr. Huygens | Oeuvres V | < Oldenburg >


Vertaling van de

Briefwisseling met Henry Oldenburg

1665



[ 431 ]

No 1438.

Henry Oldenburg aan Christiaan Huygens.

6 augustus 1665.

De brief is in Leiden, coll. Huygens.

A londres le 27. Juillet 1665.    

        Monsieur

    Ridder Moray wenste dat ik u het antwoord zou sturen van meneer Hooke aan de heer Auzout, aangaande het toestel om optische glazen te draaien; ik heb het niet willen verzuimen, u tegelijkertijd verzekerend, dat u wel moeilijk een groot aantal personen zult kunnen hebben die meer oprecht aan uw dienst zijn toegewijd dan ik.
Meneer Hooke is buiten de stad, evenals het merendeel van de rest van onze Society, de pest zorgt voor een grote verspreiding van onze gemeenschappelijke vrienden. We hopen echter dat zij niet zo hoog zal oplopen als sommigen vrezen. Ik reken erop voortdurend in de stad te blijven, in mijn huis aan de Pall Mall, zoals men het noemt, waar uw bevelen mij zullen vinden, zolang het God zal behagen me leven en gezondheid te geven. Ik leg me erop toe zowel vrees als aanmatiging van me af te zetten, leef regelmatig, en vermijd geïnfecteerde plaatsen zoveel als ik kan, de rest overlatend aan God, de laatste dag noch vrezend noch verlangend.

    Ik wens een goede verstandhouding tussen deze twee naties, en ben zonder meer

        Monsieur
Vostre treshumble serviteur
H. Oldenburg.        

    Mijn zeer ootmoedige groeten aan Meneer uw vader als hij in Holland is.

    Omdat ik bang was dit pakket te dik te maken als ik u de hele druk zou sturen van het Tijdschrift, waarvan ik u de plaats van het antwoord van meneer Hooke stuur, was ik genoodzaakt het af te knotten, zoals u ziet 1).

A Monsieur
    Monsieur Christian Hugens de Zulichem
20 à la
β 2 Haye.        


    1)  Zie Phil. Trans. van June 5, 1665, Numb. 4: 'Mr. Hook's Answer to Mr. Auzout's Considerations ...



[ 478 ]

No 1457.

Henry Oldenburg aan Christiaan Huygens.

11 september 1665 1).

De brief is in Leiden, coll. Huygens.
Huygens' antwoord: No.
1465.

A Londres le 1. Septembre 1665.    

        Monsieur

    Ik hoop dat u die brief 2) hebt ontvangen, die ik u 3 of 4 weken geleden schreef op aandrang van ridder Moray, met een stuk van een van onze Philosophical Transactions, dat u gevraagd had.
Deze is alleen om het bijgevoegde briefje 3) aan u te richten, dat me werd gestuurd door dezelfde ridder met de opdracht het aan u te zenden, en u te verzoeken de moeite te nemen navraag te doen naar die van de daarin genoemde stukken 4) welke niet gedrukt zijn; wat u zult kunnen doen, als u het wilt, bij zowel de heer Golius als bij de Elzeviers 5). Men denkt dat de rest het eveneens verdient gedrukt te worden, vooral het stuk 6) van Anderson 7).

    Ik wens steeds het einde van de oorlog en van de pest, met een weergaloze hartstocht, om de studie en de goed briefwisselingen te herstellen. Het komt van

        Monsieur
Vostre treshumble et tresobeissant serviteur
H. Oldenburg.        
A Monsieur
Monsieur Christian Hugens de Zulichem
à la
12 Haye.        


    1)  Chr. Huygens ontving deze brief op 17 sept. Zie No. 1466.         2)  No. 1438.
    3)  Niet gevonden.         4)  Zie No. 1466.
    5)  Uit No. 1508 blijkt dat de bedoelde geschriften aan Golius waren toevertrouwd voor 1646, datum van de Opera van Viète.
    6)  Twee stukken van Anderson waren onuitgegeven:
a)  'Tractatus stereometricus de parallelopipedis, cylindris, truncis, conis, corporibus regularibus'
b)  'Nova triangulorum sphaericorum stereometria ...'. 
Ze worden genoemd in Excercitationum mathematicorum decas prima, Par. 1619.

    7)  Alexander Anderson werd in 1582 te Aberdeen geboren. Hij vestigde zich nog jong in Parijs, gaf wiskunde-lessen, en werd vriend van Vieta, van wie hij de nagelaten werken uitgaf. Hij leefde in weinig gemakkelijke omstandigheden en overleed na 1619.



[ 484 ]

No 1465.

Christiaan Huygens aan H. Oldenburg.

18 september 1665.

De samenvatting is in Leiden, coll. Huygens.
Antwoord op No.
1457. Oldenburgs antwoord: No. 1479.

A Monsieur Oldenburg.

    Excuses dat ik hem niet eerder heb bedankt voor het sturen van de Philosophical Transactions. Of hij mijn brief 1) aan meneer Moray wil sturen. Dat ik zijn brieven heb ontvangen en de in Parijs gedrukte van Auzout 2). Ik spreek dezelfde wensen voor vrede uit als hij. Nulla salus bello.*)


    1)  No. 1466.         2)  Zie No. 1415, noot 12. ['Lettre a M. Oldenbourg', 11 Aoust 1665, p. 27-36.]
    [ *)  Geen heil door oorlog (of: oorlog lost niets op), spreuk uit Vergilius, Aeneis, 11, 362.]



[ 500 ]

No 1479.

Henry Oldenburg aan Christiaan Huygens.

17 oktober 1665.

De brief is in Leiden, coll. Huygens.
Antwoord op No.
1465.

A Londres le 7. Octobre 1665.    

        Monsieur

    Ridder Moray's brief 1) kwam niet op tijd om hem u te sturen met de gewone post van maandag 2), hij heeft het goed gevonden hem open te laten, wetend aan wie hij hem toevertrouwde, en hij wilde dat ik de bijzonderheden zag, die hij aan u meegedeeld wil hebben via mij.

    Aangaande het middel om te onderzoeken hoe goed Kijkers zijn, met letters van verschillende grootte, ik denk dat het u al is bericht 3) door de heer Auzout,


    1)  No. 1481.         2)  12 okt. 1665.
letters     3)  Zie de 'Remarques' [met name p. 33 en 36-39] in de uitgebreide uitgave van de Lettre a monsieur l'abbé Charles (zie No. 1346, n. 3). Auzout reproduceert er de letters die men hem uit Rome had gestuurd [links op de figuur].
[ "Metonem tumoliane fapestuctus ...", zie video en: Maria Luisa Righini Bonelli & Albert van Helden, 'Divini and Campani', IMSS, Monografia N. 5 (1981), p. 30-39.  Meton was een astronoom, 5e eeuw v.C.]
[ In 1663 was Chr. Huygens in Parijs bij zo'n kijkertest van Auzout, zie T. IV, p. 333.]

[ 501 ]

van wie ik het enige tijd geleden ontving, en die zelfs een geschrift liet drukken lijkend op hetgene dat uit Rome 4) is gestuurd, beter gemaakt dan wat men hier liet drukken, daar noch onze letters, noch onze inkt zo precies daarop lijken als ik had gewenst.

    Wat betreft de belemmeringen die meneer Hooke is tegengekomen bij het in praktijk brengen van zijn machine 5), daarover moet ik, om anderen er goed over te informeren, eerst spreken met de Uitvinder, daar enkele omstandigheden me ontgaan zijn.

    De heer Du Son 6) is mij vandaag komen bezoeken, hij had het over 4 klokken die hij laat maken voor het Hof, en zei dat ze zo nauwkeurig lopen als de Zon zelf, maar hij hield het geheim ervan nog verborgen; als men hem echter vraagt of het soms is door toepassing van een veer aan de spil van de balans ontkent hij het niet, maar dan gaat hij over op een ander onderwerp. Ik zou durven zeggen dat het inderdaad hetzelfde is waarover ridder Moray u onderhoudt in zijn brief, en waarvan meneer Hooke beweert zoveel verschillende manieren te weten, en dat u enkele jaren geleden in Parijs werd meegedeeld 7). Toen ik hem vroeg of de lucht en de veranderingen van de lucht geen invloed hadden op zijn klokken, zei hij van niet, maar toch nogal koeltjes, zodat ik hem in deze omstandigheid niet zo vermetel vind als meneer Hooke, die naar hij zegt een stof kent die niet in staat is dit te voelen.

    Kort geleden heb ik twee brieven 8) van de heer Hevelius ontvangen, waaruit ik begrijp dat hij thans werkt aan het beantwoorden 9) van de tegenwerpingen die de heer Auzout 10) hem heeft gemaakt aangaande de beweging van de eerste van de twee laatste kometen; zoals ook, dat hij zijn waarnemingen van de tweede komeet zal toevoegen, die hij eerder beslist wilde bewaren voor zijn Kometografie 11), waarvan hij zegt 9 boeken te hebben laten drukken, zodat er van de hele Verhandeling slechts 3 overblijven. Bovendien, na me nieuws te hebben gevraagd over het succes van de machine voor Kijkers 12), voegt hij in het algemeen toe 13) wat hij bij dit onderwerp van plan is zelf te gaan doen; wat ik u zal geven in zijn eigen woorden, als u het toevallig nog niet weet; hij zegt dan 14).

    Goed zo; als zoveel goede mensen zich eraan wijden deze Kunst tot volmaaktheid te brengen, heb ik goed hoop dat door hun vereende krachten iets heel moois en nuttigs voortgebracht zal worden in deze materie, in weinig tijd.

    Och, mocht het God behagen dat de besmetting ophield ons te teisteren. Toch blijft ze


    4)  Ontvangen door de Royal Society in febr. 1665 [Birch 2, p. 17].
    5)  Lenzenslijpmachine [Micrographia, Preface en fig. 3].         6)  D'Esson, zie No. 1243, n. 8.
    7)  Zie No. 1466.         8)  Gedateerd 12 en 29 sept. 1665 (zie No. 1501).
    9)  In het boek van No. 1407, n. 4 b [Descriptio cometae ... Mantissa Prodromi cometici, Ged. 1666].
    10)  Zie No. 1420 ['Lettre de monsieur Auzout du 7. iuin à monsieur Petit].
    11)  Zie No. 1407, n. 4 c [Cometographia, 1668].         12)  Lenzenslijpmachine van Hooke.
    13)  In een brief van 1 juni 1665, zie No. 1480 [Phil Trans. Numb. 6, Nov. 6].         14)  In No. 1480.

[ 502 ]

afnemen, God zij geloofd. Niets ontbreekt ons zozeer als een Geest van dankbaarheid voor een zo grote barmhartigheid die de Hemel over ons begint te ontvouwen.

    Zijne Excellentie Borri 15) heeft uit eigen beweging, om meer in de gunst te komen, mij wat van zijn medicijn tegen de pest gestuurd, dat dient zowel ter voorkoming, als ter genezing, naar hij me verzekert.

    U zult er zeker proefmonsters van hebben bij u; daarom verzoek ik u mij te laten weten wat men ervan heeft ervaren in Amsterdam tijdens de laatste pest 16), en wat die van Emden ervan zeggen, waarheen men wat van hetzelfde medicijn heeft gestuurd, en u zult zeer bijzonder verplichten

        Monsieur
Vostre treshumble serviteur
Henr. Oldenburg.        

A Monsieur
    Monsieur Christian Hugens de Zulichem
20 à la Haye.        
β 2


    15)  G.F. Borrhi, de alchemist, zie No. 1031, n. 16.         16)  Zomer 1664, zie No. 1245, n. 5.



[ 542 ]

No 1502.

Henry Oldenburg aan Christiaan Huygens.

3 december 1665.

De brief is in Leiden, coll. Huygens.

A Londres le 23. Novembre 1665.    

        Monsieur

    Ik twijfel er niet aan dat u het antwoord 1) van ridder Moray hebt ontvangen op uw brief van 18 september 2) dat ik u onder mijn couvert 3) stuurde in de maand oktober; waarin hij u onder andere verzocht ons te laten weten hoe u was geslaagd in de waarneming 4) van de schaduwen der Satellieten op 26 september, wat u naar ik hoop bij gelegenheid zult doen. Twee of drie dagen geleden stuurde hij me uit Oxford een paar waarnemingen, buiten de stad gedaan door de heer Ball, de oudste 5), van Saturnus en de Satellieten van Jupiter, met de wens dat ik ze u bij de eerste gelegenheid zou toesturen.

Saturnus met wijde hengsels     Hier is dus de huidige vorm van Saturnus, zoals de heer Ball die heeft waargenomen, en hij zegt, om u zijn eigen woorden te geven 6).

    De andere waarneming van Satellieten is deze 7).

    Hij is vergeten de dag van de laatste waarneming erbij te zetten; de eerste is gedaan op 13 oktober 6 h. Zoals u ook ziet op het papier, dat de vorm van Saturnus aangeeft, dat ik heel nauwkeurig heb geknipt naar het origineel van 8) Waarnemer, dat ik in handen heb. U zult wel bekijken hoe deze overeenkomt met uw Systeem, en ons zeggen, alstublieft, wat uw conclusie daarover zal zijn.

    Wij zijn in afwachting van wat uw machine 9) om Kijkers te maken, waarvan u melding maakte in uw laatste brief 10), zal hebben voortgebracht. De heer Du Son 11) werkt thans aan parabolische glazen, waarvan hij ons wonderen wil doen hopen; we moeten de effecten zien. De heer Hooke is nog niet teruggekeerd in de stad, noch enig ander lid van de Society. Ze doen er goed aan, lijkt me, zich niet te overhaasten, en te wachten totdat de Lucht van Londen is veranderd en verbeterd door de koude, als het toch waar is dat de besmetting daarin zit. Ze vermindert, God zij dank, van week tot week met verscheidene honderden, zodat we door de barmhartigheid van de Hemel een algeheel ophouden verwachten in weinig tijd.


    1)  No. 1481.         2)  No. 1466.         3)  No. 1479.
    4)  Zie No. 1473.             5)  William Ball.
Saturnus in Phil. Trans.     6)  Zie App. I, No. 1503 [vgl. de figuur rechts, in Phil. Trans. Numb. 9, Feb. 12].
    7)  Zie App. II, No. 1504.         8)  Voeg in: de.
    9)  Zie No. 1498 [p. 538, origineel bij The Spinoza Web].
    10)  Zie No. 1481, n. 14.         11)  D'Esson.

[ 543 ]

Och mocht het God behagen dat de oorlog ook eindigde, opdat naast andere voordelen van de vrede, de vrijheid van omgang tussen eerlijke mensen kan worden hersteld. Ik ben

        Monsieur
Vostre treshumble serviteur
Henry Oldenburg.        
A Monsieur
Monsieur Christian Hugens de Zulichem
    12 à la Haye.        



1666




Home | Christiaan Huygens | T. V
< Briefwisseling met Henry Oldenburg, 1665 (top) | vervolg