Home | Beeckman | < Vertaling > | Brontekst | Index

Muziek , lucht , druk , zuigen , praktisch


Isack Beeckman - 1615 v


[ 62 ]   [ maart 1615 ]

Muzieknoten

Muzieknoten nadoen met vingers.

  Om muzieknoten met de vingers aan te geven, kan de wijsvinger altijd la zijn, de middelvinger sol, de ringvinger fa, en ze moeten onveranderlijk van plaats zijn; en de duim kan mi zijn, de pink echter de andere fa*). En laat dit de volgorde van een octaaf zijn: wijsvinger, middelvinger, ringvinger, wijsvinger, middelvinger, ringvinger [pink], duim, wijsvinger, dat is: la, sol, fa, la, sol, fa, mi, la.


  [ *)  Lat. "fa extrordinarius".  Beeckman vond 4 namen voldoende, vgl. p. 50-52.]

[ Ned. ]

[ 72 ]

Fonteintje

Machina Heronis fortuita.

  Wat reden ist, dat in Heyst's*) fontejnken door dat blecken buysken, dat aen den elleboghe staet, het water hoogher spruyt dan de tobben staen?

  Omdat daarbij hetzelfde gebeurt, als bij het toestel van Ctesibius of Heron (ik herinner me namelijk niet aan wie van hen hij°) dit toestel toeschrijft). Het is namelijk zo dat water, dalend in buizen, ook al staan de buizen rechtop, omdat ze toch vol lucht zijn en omdat het de randen opzoekt, slechts aan één kant daalt in de pijp. Het dalende water komt dan bij het onderste water boven de grond, en het drukt daarmee op de lucht die in het andere deel van de pijp is, en daar de lucht geen uitweg vindt wegens het aankomende water (de buizen zijn immers bovenin voller en de opening boven is afgesloten) duwt hij het water buiten de pijp omhoog. Het water krijgt namelijk een grote kracht door het voortdurend bijeenbrengen van het bovenste water met het onderste.


*)  Nicolaes van Heyst [<,>], geb. te Antwerpen in 1574 (vader ijzerhandelaar) woonde in Zierikzee, en werd er in 1616 schepen, later burgemeester. Hij stierf in 1652.
°)  Cardano, op p. 18 en 28 [figuur] van de Subtilitate (Lugd. 1580), eerder aangehaald op p. 3.  [Vgl. 'Drinking horn and siphon'.]

[ Ned. ]

[ 78 ]

Lucht in buizen

Lucht in buizen opgesloten, wat die doet.

Vitruvius schrijft in boek 8 van de Architectuur*) dat lucht die bevat is in de buizen daarop een krachtige werking uitoefent.

  De oorzaak nu is mijns inziens, dat lucht die teveel is samengeperst, heel sterk geneigd is naar zijn natuurlijke toestand terug te keren. Hetzelfde is ook te merken, als lucht teveel wordt uitgerekt, zoals te zien is bij zuigers van pompen, als de buis onderweg verstopt is; we hebben immers enige malen gezien dat het ijzer waarmee we water trokken, met een heel grote kracht uit onze handen geslagen werd door lucht die teveel was uitgezet en naar zijn natuurlijke toestand terugkeerde. [>]


[ *)  Ton Peters (vert.), Handboek bouwkunde, Amst. 1999. Daar staat in boek 8, 6-9: ]
Zo zal het vlak verlopende stuk van de buisleiding niet door de kracht van het neerstromende en omhoogstuwende water worden opgedrukt. Er onstaat namelijk altijd een heftige luchtdruk in een waterleiding — zo sterk, dat die zelfs rotsblokken kan doen springen — als men in het begin het water niet rustig en in kleine hoeveelheden vanaf de bron in laat stromen, en bij knieën en bochten de leiding niet vastlegt met bindingen of zandballast.

Licht en damp

Hoe licht en damp de lucht doen uitzetten.

  Aangezien de lucht niet boven zijn natuurlijke toestand kan worden gedrukt, hoe komt het dat de stralen van de Zon, die voor stoffelijk gehouden worden [>], en uit de Aarde opstijgende dampen, door de lucht noch weggeslagen, noch toegelaten worden? Het is toch noodzakelijk dat hij zich samentrekt, als zoveel dingen van buiten binnenkomen?

[ 79 ]
Lucht in de winter lager.

  We kunnen wel passend antwoorden dat de lucht een grote ruimte in zich heeft en daarom zonder moeite die druk uitoefent. Maar misschien zullen we sommigen bevredigen als we zeggen dat er niet op de lucht wordt gedrukt bij het binnenkomen van die dingen, maar dat hij meer ruimte omhoog zoekt, waaruit volgt dat de lucht in de winter meer omlaag gedrukt is dan in de zomer, wegens de warmte die in de zomer genoeg binnenkomt, op de manier waarop olie en vloeibaar kaarsvet door het binnenkomen van vuur, meer ruimte krijgt. De lucht zet zich dus neer in de winter, en voegt zich meer aaneen, en daarom is hij dichter en kouder, omdat warmtelichamen zijn verdwenen en ontsnapt.
  [ > ]

Drukkende lucht

Drukkende lucht toegelicht met vergelijking.

  Eerder [<] is door mij geschreven dat de lucht drukt op het water en andere dingen bij ons en dat de oorzaak van de afkeer van vacuüm is: de zwaarte van de drukkende lucht.

  Dat wordt duidelijk gemaakt door de vergelijking met vissen en dieren als die in water zijn. Voor hen immers is alles gevuld met water en als iemand zijn best zou doen water uit iets naar buiten te halen, zal hij vergeefse moeite doen, tenzij hij dit met zo'n grote kracht doet, dat de zwaarte van al het water en van alle lucht door die kracht overwonnen wordt. Overigens, bij het bepalen van zwaar en licht is alles voor vissen onder water net zo als voor ons die in lucht leven.

Zuigen

Hoe we kunnen zuigen als buizen verstopt zijn en vol lucht.

  Toch kan een tegenwerping [<] zijn: als water in pompbuizen stijgt, doordat de lucht drukt op het water dat onder druk een lege ruimte binnengaat (of liever gedwongen wordt binnen te gaan), wat als dan die buizen, vol met alleen lucht, aan het eind worden dichtgestopt en we ons best doen door zuigen lucht eruit te halen — waarom, zeg ik, volgt de lucht dan niet, en wil het water als het wordt uitgerekt liever met grote kracht teruggaan naar zijn oude stand, dan volgen wat trekt en zuigt?

  Ik antwoord: Wanneer je zuigt trek je wel een beetje lucht, en wat achterblijft verspreidt zich gelijkelijk over de hele buis, en het wil op geen enkele manier — als we het nauwkeurig willen zeggen — tot zijn natuurlijke toestand terugkeren. Lucht is immers van nature scheidbaar, en niet samenhangend, maar slechts aangrenzend.
Maar de lucht van de wereld rust op het water, dat bovenin de pomp zit en drukt dit naar beneden, samen met het instrument waarmee we het water aanzuigen. Dit is immers de werkelijke oorzaak hiervan, want wanneer de klep in de pomp open staat, en we een beetje lucht hebben weggetrokken, aangezien de lucht in de buizen niet overal aangrenzend is — geen wonder dat de drukkende lucht door zijn zwaarte ernaar streeft de lucht meer samen te persen. En hiervandaan komt die moeite die we ondervinden bij het zuigen.  [>]

[ Ned. ]

[ 83 ]

Praktisch

Practicum.

  Als je iemand wilt spreken, bij wie je bang bent dat de woorden je zullen ontbreken, lijkt het niet ondoordacht enkele dingen die gezegd moeten worden op papier te zetten, die passend zijn voor die persoon en die gelegenheid. Als het je dan aan woorden ontbreekt, zal het vooraf bedachte geschikt zijn om te zeggen en zeer welkom.   [<,>]

[ Ned. ]




Home | Isack Beeckman | 1615 v (top) | vervolg