Chr. Huygens | Oeuvres III | Oldenburg >


Vertaling van de

Brieven van Henry Oldenburg

1661



[ 310 ]

No 883.

Henry Oldenburg aan Christiaan Huygens.

13 augustus 1661.

De brief is in Leiden, coll. Huygens.

        Monsieur

    Mijn slechte geheugen is er de oorzaak van dat ik u iets bespaarde, toen ik de eer had u te bezoeken in Den Haag*), waarmee ik u per brief ga lastig vallen. Ik heb namelijk de informatie gekregen dat de Heren Staten-Generaal in Den Haag hebben laten drukken een Plakkaat van de Vormen, Waarden en Fijnheid van hun gelden 1) waarvan exemplaren nogal zeldzaam zijn, en slechts gegeven of verkocht worden aan personen van aanzien en die belang bij de zaak hebben, of die goed bekend zijn met die Heren.
Dus daar ik weet, Monsieur, dat u veel kennissen hebt onder hoge en belangstellende personen, neem ik de vrijheid u zeer ootmoedig te verzoeken mij te willen begunstigen door me het genoemde plakkaat te sturen, als het te vinden is, met de eerste gewone post naar Londen, uw brief adresserend aan de heer Samuel Hartlib 2) senior, in Axeyard in Kingstreet; en u zult me zeer bijzonder verplichten, die reeds ben

        Monsieur
Vostre treshumble et tresaffectionné serviteur
Henry Oldenburg.        
Rotterdam le 3. d'Aoust 1661.

    De heer de Bils 3) behandelt me hier met veel vriendelijkheid, en schijnt


    [ *)  Zie brief van Chr. Huygens aan Moray, 1 aug. 1661.]
    1)  Zie brief No. 891. Placaet, ende provisionele reductie ofte tollerantie ... op den cours vanden gelde, soo goude als silvere specien ... 1645/1647/1652/1653.
    3)  Lodewijk de Bils ... 1624-1671 was anatoom zonder wetenschappelijke opleiding ... werd in 1663 professor in Leuven ... later te 's Hertogenbosch.

[ 311 ]

heel goed de Anatomie te begrijpen, en vastbesloten te zijn om zijn aandeel erin te handhaven en er voordeel uit te halen. Hij beweert het geheim van voeding precies te kennen, zoals ook de voortbrenging van zaad en van de afscheiding van urine en zijn doortocht van de lever in de nieren. De tijd zal het leren.

A Monsieur Monsieur Christian Hugens de Zulichem &c.
        op 't plein in den
port payé.         Haagh.


[ 332 ]

No 891.

Henry Oldenburg aan Christiaan Huygens.

17 september 1661 1).

De brief is in Leiden, coll. Huygens.

A Londres le 7. Septembre 1661.    

        Monsieur

    Ik ben u zeer verplicht voor het aanbod dat u zo goed was mij te doen 2) aangaande de ordonnantie van de Heren Staten over het geld. Ik zal heel blij zijn deze te zien, wanneer ze zal zijn gepubliceerd 3) en u de gelegenheid zult hebben mij een exemplaar ervan te doen toekomen via een vriend, die naar deze contreien zal kunnen gaan. Ik heb u gehoorzaamd door met meneer Murray 4) te spreken over de in uw brief 2) genoemde boeken, en ik geloof dat hij u zelf erover zal schrijven deze week.
De heer Boyle heeft kort geleden nog een boek 5) gepubliceerd, met de titel The sceptical chymist, en het zal zo spoedig mogelijk in het Latijn worden vertaald. Hij onderzoekt daarin de Elementen van Aristoteles, en weerlegt de 3 principes van de Alchemisten met Chemische Experimenten. Dit alles gebeurt in de vorm van dialogen, en met veel wellevendheid, en met een decorum, dat aan disputanten de kunst kan leren een mening te bestrijden zonder personen te kwetsen.
Ik geloof dat u met dezelfde gewone post van meneer Moray een afschrift zult ontvangen van een brief 6), die de heer Frenicle schreef aan een lid 7) van onze filosoferende Society, aangaande enkele waarnemingen van Saturnus die door hem zijn gedaan, waarvan we geloven dat u er belang bij hebt.
Wat betreft de Maanglobe [<] van meneer Wren, hij heeft hem aan de Koning gepresenteerd, zonder hem te tonen aan het gezelschap, dat hem evenwel heeft opgedragen er nog een te maken, wat groter, om bewaard te worden in ons college voor de Akademie. Ik heb nog niet het geluk gehad hem te zien, maar ik zal hem binnenkort zien, en dan zal ik u de bijzonderheden ervan vertellen die u me vraagt. Men zegt me evenwel dat het een globe is die de maan zodanig voorstelt, dat de ongelijkheden, hoogten en diepten, zeeën, rivieren, eilanden, vaste landen enz. erop te onderscheiden zijn, zoals dit alles zich voordeed aan


    1)  Oldenburg gebruikte de oude stijl.         2)  De brief is niet bekend.
    3)  Niet verschenen. Zie No. 883, noot 1.         4)  Robert Moray.         5)  Zie No. 886, noot 5b.
    6)  No. 894.         7)  Kenelm Digby.

[ 333 ]

meneer Wren door de Telescoop gedurende een hele lunatie, zodat deze kunstmatige globe volgens de verschillende posities hiervan ten opzichte van de Zon, alle verschillende delen van de maan toont, evenals ze aan de Hemel te zien zijn.

    Als de heer Thevenot, die thans in de rouw is om zijn moeder, mij zijn nieuwe ontdekking 8) meedeelt, zoals hij me heeft beloofd, zal ik niet nalaten er u deelgenoot van te maken, mits hij me de vrijheid geeft.

    Ik heb pas een brief ontvangen waarin men melding maakt van twee bijzonderheden, die me niet gewoon lijken te zijn, maar die niet voldoende uiteengezet zijn om erover te oordelen. Misschien dat u er al over hebt horen spreken, of dat u ze hebt gezien als u langs Lyon bent gegaan, daar waar deze rariteiten zich bevinden bij de heer Cervier*), naar me wordt bericht.
De ene is, dat er lichamen zijn, die beweging geven aan andere lichamen op een afstand van 5 roeden, en die alle wonderen van de Magneet overtreffen; maar hij geeft geen beschrijving van die lichamen.
De andere is dat er een Zonnewijzer is waarop, in de cirkel gemaakt voor de uren, de verschillende geneigdheden van mensen zijn geschreven met een bol verbonden met de hand 9), en als deze bol wordt aangeraakt draait de hand totdat ze aankomt bij het karakter dat behoort bij degene die hem heeft aangeraakt, en daar blijft ze stilstaan. De schrijver van de brief zegt hem twee keer te hebben aangeraakt en beide keren het karakter Weetgierig te hebben gevonden. Hij heeft het ook over de eeuwige beweging, die daar volgens hem bij dezelfde Cervier in praktijk wordt gebracht.
Hij voegt eraan toe dat er klokken zijn bij hem, die lopen zonder enige veer en zonder enig koord of iets dergelijks°). Ik denk dat het dezelfde uitvinding is als die welke naar men zegt onlangs in Leiden in praktijk is gebracht door een jonge Duitser 10), die in huis is bij een prins van Holstein 11) of van Sunderburg, die beweegt op een hellend vlak door middel van een bepaald gewicht, dat in een cilindrisch doosje van koper zit, en ronddraait


    8)  Over ademhaling, behandeld in een bijeenkomst bij de Montmor [zie No. 928].
    *)  [Add. p. 588:]  Nicolas Grollier de Servière, Recueil d'ouvrages curieux, Lyon 1719 [fig.].
    9)  Lees: main [i.p.v. mani.]
[ Grollier 1719, p. 21: "cadran ... inclinaisons ou passions dominantes des hommes".]

ronde klok op helling     [ °)  Pl. XVII: rolklok, 'inclined plane clock' of 'rolling drum clock'.
Leonard Ornstein, 'Een rollende klok" in De Natuur, 50 (1930) 97.]

    10)  7 begeleiders van de prins zijn bekend, maar niet wie de klok had.
    11)  Johann August von Holstein Gottorp, zoon van Johann ... 1647-1686. Hij werd op 25 okt. 1660 als student in Leiden ingeschreven.

[ 334 ]

om een as, op een bepaalde manier waar ik nog niet goed achter ben gekomen. Misschien, Monsieur, dat u er meer bijzonderheden van bent te weten gekomen. In dat geval hoop ik dat u zo goed zult zijn mij er deelgenoot van te maken, zoals ook als u toevallig meer omstandigheden hebt vernomen over de andere genoemde curiositeiten. U kunt van mijn dankbaarheid verzekerd zijn, want ik ben eenvoudig

        Monsieur
Vostre treshumble et tresaffectionné serviteur
Henry Oldenburg.        
        A Monsieur
1 β Monsieur Christian Hugens de Zulichem
XII à la Haye.



1662



Home | Christiaan Huygens | T. III
Brieven van Henry Oldenburg, 1661 (top) | vervolg