Chr. Huygens | < Oeuvres X

Geneeskunde , kromme lijnen , lens , Leeuwenhoek , duikerklok , tractrix , buiskijker


Parels uit brieven 1691-95

Oeuvres Complètes T. X



No 2664.

G. W. Leibniz aan Christiaan Huygens

2 maart 1691.
[ 52 ]
. . .
  N'y a-t-il personne à present qui medite en philosophe sur la medecine? Feu Mr. Crane y estoit propre, mais Messieurs les Cartesiens sont trop prevenus de leur hypotheses. J'aime mieux un Leeuwenhoek qui me dit ce qu'il voit, qu'un Cartesien qui me dit ce qu'il pense. Il est pourtant necessaire de joindre le raisonnement aux observations.
. . .
  Is er nu niet iemand die in de filosofie nadenkt over de geneeskunde [>]? Wijlen de heer Craanen was er geschikt voor, maar de Heren Cartesianen zijn teveel vooringenomen door hun hypotheses. Ik heb liever een Leeuwenhoek die me zegt wat hij ziet, dan een Cartesiaan die me zegt wat hij denkt. Toch is het nodig waarnemingen met redeneringen te verbinden.



[ 127 ]
No 2693.

Christiaan Huygens aan G. W. Leibniz

1 september 1691.  (Concept)

    . . . j'ay remarquè quelques unes des proprietez de cette Catenaire . . .     . . . ik heb enkele eigenschappen opgemerkt van deze Kettinglijn . . .

[ 128 ]
    J'ay souvent considerè que les lignes courbes que la nature presente souvent a nostre vue, et qu'elle decrit, pour ainsi dire, elle mesme, renferment toutes des proprietez fort remarquables. Telles sont le cercle que l'on rencontre partout. La parabole, que decrivent les jets d'eau. L'ellipse et l'hyperbole, que l'ombre du bout du stile parcourt et qu'on rencontre aussi ailleurs. La cycloide qu'un clou qui est dans la circonference d'une roue decrit. Et enfin nostre chainette qu'on a remarquée par tant de siècles sans l'examiner. De telles lignes meritent à mon avis qu'on se les propose pour exercice, mais non pas celles qu'on forge de nouveau seulement pour y emploier le calcul geometrique.     Ik heb vaak overwogen dat kromme lijnen die de natuur ons vaak laat zien, en die zij, om zo te zeggen, zelf beschrijft, alle heel opmerkelijke eigenschappen bevatten. Zoals de cirkel die men overal tegenkomt. De parabool, beschreven door fonteinen. De ellips en de hyperbool, die de schaduw van de punt van de zonnewijzer doorloopt en die men ook elders tegenkomt. De cycloïde die een spijker op de omtrek van een wiel beschrijft. En tenslotte onze kettinglijn die men al zoveel eeuwen lang heeft opgemerkt zonder haar te onderzoeken. Zulke lijnen zijn het mijns inziens waard dat men ze uitkiest om ermee bezig te zijn, maar niet de nieuwe die alleen worden uitgevonden om er de meetkundige berekening op toe te passen.

    [ In 1646 had Huygens al bewezen dat de kettinglijn geen parabool is. In 1692 vindt hij nog een lijn van de eerste soort, zie hierna: de tractrix.]

[ 134 ]
    P.S. Je ne scay pas pourquoy ces Mrs. de Leipsich m'ont donnè cette fois le titre de Dynasta in Zulichem au lieu de Zeelhem, qu'ils ont mis cy devant et qui estoit comme il faut. On pourroit croire qu'ils parlent de deux Christiani Hugenii; vous pouvez par occasion, Monsieur, les detromper.     P.S. Ik weet niet waarom die heren van Leipzig mij deze keer*) de titel gaven Heer van Zuylichem in plaats van Zeelhem, die ze hiervoor gebruikten, en die juist was. Men zou kunnen geloven dat ze het hebben over twee Christianussen Huygens; u kunt hen bij gelegenheid inlichten, meneer.

Zulechem
    [ *)  In Acta eruditorum, juni 1691, p. 281.  Na het overlijden in 1687 van vader Constantijn, 'Heer van Zuylichem', was de titel voor broer Constantijn, voordien 'Heer van Zeelhem'.  De fout had misschien te maken met het 'C.H.D.Z.' op het titelblad van Traité de la lumiere (1690), dat ook nu nog verwarring geeft (BL, okt 2011: Zuylichem).
In Acta eruditorum, 1690, p. 481 was bij de bespreking kennelijk een exemplaar gebruikt met de volledige naam "Christian Huygens, Seigneur de Zeelhem", want er staat "Autore Christiano Hugenio, Zeelhemii Toparcha".]

Par C. H. D. Z.
Par Monsieur Christian Huygens, Seigneur de Zeelhem

[ Chr. Huygens ondertekende in die tijd zelf ook brieven met 'Hugens de Zulichem', zie een brief aan Huet van 18 apr. 1691, en brieven aan Fatio van 3 apr 1691, 25 sept. 1691, 18 dec. 1691, 5 febr. 1692, 29 febr. 1692 (van een fotokopie en zie noot 10), 5 apr. 1692, 2 mei 1692.
In brieven van Fatio vinden we: "Pour Monsieur Hugens de Zulichem", 9 apr. 1691, en: "A Monsieur Monsieur Hugens de Zeelhem", 18 sept. 1691.]




[ 231 ]
No 2729.

Constantijn Huygens jr aan Christiaan Huygens

18 januari 1692.

Whitehall ce 18 de Janv. 1692.        
    . . .
    J'ay remis a Stanley et Hooke me venant voir ensemble le verre de 122 pieds avec les dependences. La raison pourquoy je l'ay plustost mis entre les mains du dernier que celles d'un autre, est que je le crois le plus propre pour le mettre en usage, comme il m'a promis d'avoir soin de faire et au plustost. Il s'imagine de pouvoir le faire par le moyen de trois poultres longues jointes en hault et soustenant un mast qu'il ne seroit pas necessaire de faire si long a beaucoup près que le nostre. Je luy ay recommandé d'en prendre soin temoignant que nous serions bien aise de voir qu'on rendist la chose plus aisée qu'elle n'a esté jusques icy.
    . . .
    Ik heb aan Stanley en Hooke die mij samen kwamen bezoeken het glas van 122 voet met bijbehoren overhandigd*). De reden waarom ik het liever in handen gaf van de laatste dan van iemand anders, is dat ik geloof dat hij het meest geschikt is om het in gebruik te stellen, zoals hij me heeft beloofd te zullen doen en zo spoedig mogelijk. Hij stelt zich voor het te kunnen doen met drie lange balken, van boven verbonden, die een mast ondersteunen die lang niet zo hoog gemaakt zou hoeven te worden als de onze. Ik heb hem aanbevolen er zorg voor te dragen en laten blijken dat we het heel fijn zouden vinden als men de zaak makkelijker maakt dan ze tot dusver was.
    Cependant on ne s'en fie pas a luy seul. Stanley me mena avanthier a un disner, ou il y avoit 10 ou onze de la Societé R. entr'autres Sr. Robert Southwell le President, Mr. Henshaw, Dr. Sloane personnes de fort bons sens, Sir Patience     Men laat het evenwel niet aan hem alleen over. Stanley nam me eergisteren mee naar een diner, waar 10 of elf leden van de R. Society waren, o.a. de president Sr. Robert Southwell, Mr. Henshaw, Dr. Sloane, personen met een zeer goed verstand, Sir Patience

    *)  Het glas bevindt zich nog in Burlington House. Het wordt genoemd in "Record of the Royal Society", 1897 [p. 173] ...

[ 232 ]
Ward et autres membres tres dignes. Mr. Southwell m'asseura qu'ils avoyent donné ordre pour faire dresser un Pole et qu'il seroit fait au premier jour. Pour Hooke luy mesme, ce n'est pas l'homme, a qui je me fierois le plus; Stanley luy mesme m'asseurant qu'il n'a pas les qualités qu'il faut pour cela, que c'est un homme a faire quelque meschant trait, comme vous pourriez dire, de vendre nostre verre, et en supposer un autre ou chose semblable mais mon nom y estant et la longueur marquée de ma main je n'apprehende point qu'il entreprenne cette sorte de choses. Ward en andere zeer waardige leden. Mr. Southwell verzekerde mij dat ze bevel hadden gegeven een paal te doen oprichten en dat het binnenkort gedaan zou worden. Wat Hooke zelf betreft, het is niet de man op wie ik het meest zou vertrouwen; Stanley bevestigde zelf dat hij niet de daartoe benodigde eigenschappen heeft, dat het een man is om een gemene streek uit te halen, zoals jij zou kunnen zeggen, om ons glas te verkopen, en er een ander voor in de plaats te zetten of iets dergelijks, maar mijn naam en de lengte zijn er met eigen hand op aangegeven, dus ik ben niet bang dat hij dit soort dingen doet.
    Les Transactions de la Societé pour les mois d'Octob. Nov. et Decembre ne font que 9 a 10 feuilles imprimees, et quand j'ay demandé a Sr. Robert la raison, il ne m'a dit autre chose si non qu'il croyoit qu'apres la Paix faite il croyoit que la chose iroit mieux.     De Transactions van de Society voor de maand oktober, november en december maken maar 9 of 10 gedrukte bladen uit, en toen ik de reden vroeg aan Sr. Robert, zei hij me niets anders dan dat hij dacht dat het beter zou gaan als de vrede gesloten was.
    Ils venoyent de recevoir un nouveau Traité de Leeuwenhoeck fort estimé de la Societé a ce qu'ils disent. Son portrait estoit (ce disent ils aussi) tousjours dans la ruelle du lict de feu Mons.r Boyle, decedé depuis quelques jours et mort de Phtisie.     Ze hadden pas een nieuwe verhandeling ontvangen van Leeuwenhoek die zeer geacht wordt in de Society naar ze zeggen. Zijn portret was (dit zeggen ze ook) nog steeds in de slaapkamer van wijlen meneer Boyle, die enkele dagen geleden aan tering is overleden.




No 2731.

Constantijn Huygens jr aan Christiaan Huygens

Whitehall, 26 januari 1692.

    . . .     . . .

[ 237 ]
    Mr. Haley de la Société Royale vient avec Fatio et me dit qu'ils venoyent de sa part me remercier du present que je luy avois fait, mais qu'ils souhaittoyent de scavoir, si ce n'estoit pas proprement a la Societé que j'avois donné mon verre, parce que Mr. Hooke sembloit s'en vouloir rendre maistre et faisoit difficulté de le faire voir a d'autres.     Mr. Halley van de Royal Society kwam met Fatio en zei me dat ze uit naam ervan mij kwamen bedanken voor het geschenk dat ik eraan had gedaan, maar dat ze wilden weten of het eigenlijk niet aan de Society was dat ik mijn glas had gegeven, omdat Mr. Hooke zich er meester van scheen te willen maken en het niet gewoon aan anderen wilde laten zien.
    Je leur dis qu'asseurement je l'avois donné a la Societé a la priere que Dr. Stanley m'en avoit faite a diverses fois. Sur quoy je m'imagine qu'ils l'osteront des mains de cet homme là, que l'on me dit estre un drosle fort interessé, et auquel on ne peut pas trop se fier. Aussi je ne le luy aurois pas remis si Stanley ne m'eust asseuré qu'il estoit le plus propre pour enseigner la maniere de s'en servir, quoy que quelque temps apres il me dit aussi, qu'il estoit capable de faire quelque mechanceté.     Ik zei hun dat ik het zeker aan de Society had gegeven op verzoek van Dr. Stanley dat hij me meermalen had gedaan. Waarop ik me voorstel dat ze het die man uit handen zullen nemen, van wie men me zegt dat het een zeer geïnteresseerde grapjas is, op wie men niet te veel moet vertrouwen. Ik zou het hem dan ook niet hebben overhandigd als Stanley me niet had verzekerd dat hij het meest geschikt was om de manier van gebruik aan te geven, hoewel hij me enige tijd later ook zei dat hij in staat was iets gemeens te doen.
    Haley me parla beaucoup de son invention pour aller sous l'eau et d'y faire tout le travail qu'on fait sur la terre. Il dit qu'il y a esté plus d'une heure entiere a la profondeur de 60. pieds sans la moindre incommodité, qu'il se met dans une Cloche de bois, dont il peut faire sortir l'air devenu inutile et y en faire entrer du frais qu'il a en reserve par un robinet que pour sa personne il est dans un habit de toile cirée doublé de fourrure qui l'empesche d'avoir froid. Qu'estant sous l'eau il voit tout distinctement, et qu'il avait reconnu toutes les sortes de poissons, dans la compagnîe desquels il se trouvoit.     Halley sprak veel over zijn uitvinding om onder water*) te gaan en er al het werk te doen dat men aan land doet. Hij zegt dat hij er meer dan een heel uur lang op een diepte van 60 voet is geweest zonder het minste ongemak, dat hij in een houten klok gaat zitten, waaruit hij de lucht die onbruikbaar is geworden kan verwijderen en er met een kraan frisse lucht in laten gaan die hij in reserve heeft; wat betreft zichzelf, dat hij gekleed is in wasdoek gevoerd met bont om te verhinderen dat hij het koud krijgt. Dat hij alles duidelijk ziet als hij onder water is, en dat hij allerlei soorten vissen had herkend in wier gezelschap hij zich bevond.

    [ *)  Al in 1664 had de Royal Society er aandacht voor, zie de brief van 10 juli van Moray aan Huygens. Hooke bedacht een toestel om de zeediepte te meten zonder lijn, vgl. de tekening van Huygens, XIX, 142.
    E. Halley, 'The art of living under water', in Phil. Trans. vol. 29 (years 1714-'16), p. 492-9.  Op p. 498: "by the Glass Window ... I could see perfectly well".  Addition in vol. 31.  Zie Fig. 3 van Pl. LIV in The complete dictionary of arts and sciences, 1766.
    [ Lisa Jardine, Ingenious pursuits (1999), p. 216-222, met fig. — "to look for treasure in a Spanish wreck".

duikerklok     J. C. Sturm beschreef een duikerklok (campana urinatoria), in Collegium experimentale (1676) p. 1 t/m 6, fig.  In Journal des Sçavans van 1678 staat een bespreking met fig. (zie rechts) en een reactie over "la pesche des Piastres avec la Cloche", met fig.: met de duikerklok munten vissen uit een gezonken schip.
G. F. Seligmann, J. K. Glaser, De Campana Urinatoria, Lips. 1677.
Geert Vanpaemel, 'The Louvain printers ...', in Studium, 4-4 (2012) geeft een figuur (afgeleid van de getoonde) van L. Blendeff: 'Modus subintrandi aquas'. Verwezen wordt naar George Sinclair, Ars nova et magna gravitatis et levitatis (1669); zie hierin p. 220-244: duiken naar een Spaans schip, een uur onder water; bij duiken naar een diepte van 15 of 20 passen komt het water 7 of 8 vingers omhoog — 10 m diep: volume van de lucht gehalveerd — p. 230: bij 34 voet staat het kwik in de baroscoop 2x zo hoog.
Museum Spenerianum (1693) vermeldt op p. 36 twee modellen (van koper/glas) met "das Männchen fast ½ Elle gross".

    Wikipedia: 'Diving bell.
A. J. Bachrach 'The History of the Diving Bell', in Historical Diving Times, 21 (1998).
John Bevan, 'Diving bells through the centuries', in SPUMS Journal 29-1 (1999) 42-50.
Zie ook de figuren in: F. M. Feldhaus, Die Technik der Vorzeit, der geschichtlichen Zeit und der Naturvölker (1914), bij Tauchapparate.]





[ 407 ]
No 2793.

Christiaan Huygens aan H. Basnage de Beauval.

februari 1693.*)

    . . . Je vous envoye aussi à cette occasion quelques unes de me dernieres speculations . . .     . . . Ik zend u bij deze gelegenheid ook enkele van mijn laatste bespiegelingen . . .

    *)  Gepubliceerd in Histoire des Ouvrages des Sçavans, dec. 1692 - febr. 1693, p. 244-257. 's-Gravesande gaf een Latijnse vertaling in Opera varia (1724), p. 507.

[ 408 ]
    Je ne say s'il y a beaucoup de lignes courbes qui ayent cette propriété, que leur longueur se puisse mesurer par elles mêmes. Cependant en voicy une que j'ay rencontrée il n'y a pas long-tems; qui, comme vous verrez, est encore digne d'être remarquée pour autre chose.     Ik weet niet of er veel kromme lijnen zijn die deze eigenschap hebben, dat hun lengte kan worden gemeten met de lijn zelf. Hier is er evenwel één die ik niet zo lang geleden ben tegengekomen; die, zoals u zult zien, nog opmerkenswaardig is om iets anders.
kromme met allerlei lijnen
C'est la courbe AXKO, étenduë à l'infini le long d'une droite qui est son Asymptote, DN; à laquelle AD, tangente au sommet A, est perpendiculaire, & dont la proprieté principale, & très-simple est, que toute tangente, entre le point de contact et l'Asymptote, comme KN, est égale à la ligne AD. . . . Het is de kromme AXKO, die tot in het oneindige loopt langs een rechte die haar Asymptoot is, DN; waarop AD, raaklijn aan de top A, loodrecht staat, en waarvan de voornaamste en zeer eenvoudige eigenschap is, dat elke raaklijn tussen het contactpunt en de Asymptoot, zoals KN, gelijk is aan de lijn AD. . . .

tractrix     [ Het gaat dus om de kromme lijn AKR, die de vertikale as raakt in A; de lengte van het stuk AK is gelijk aan die van het lijnstuk YX, te vinden via loodlijn KP en de cirkelbogen PQ, QA en AY — even nadenken: waar komt B te liggen?

De genoemde eigenschap is te zien in deze figuur:
uit Henk J. M. Bos, 'Recogniton and wonder' (orig. 1987: 'Vanuit Herkenning en Verbazing') in Lectures in the History of Mathematics (1993), p. 6.

Huygens noemde de kromme 'Tractoria', nu heet ze 'Tractrix'.
Het 'trekken' dat in het woord zit komt uit een vraag van Claude Perrault aan Leibniz (Acta Eruditorum, sept. 1693, p. 387, in 'Supplementum gometriae dimensoriae', Engl.): als ik mijn zakhorloge op tafel leg, met het uiteinde van de ketting ervan op de tafelrand, en ik trek dit uiteinde langs die rand, welke baan zal het horloge dan beschrijven? ]

[ 409 ]
    Elle sert encore à la quadrature de l'Hyperbole. . . .
    Elle a encore d'autres proprietez remarquables . . .
    Mais ce n'est pas pour tout ce que je viens de raporter touchant cette ligne que je la propose icy; mais pour une autre raison; qui est qu'on peut trouver moyen de la decrire par une machine assez simple, & par là reduire l'Hyperbole au quarré, ce qui m'a semblé digne de la consideration des Geometres.
    Ze dient ook voor de kwadratuur van de Hyperbool. . . .
    Ze heeft nog andere opmerkelijke eigenschappen . . .
    Maar het is niet om alles wat ik net heb vermeld over deze lijn dat ik haar hier voorstel; maar om een andere reden; en wel dat men een middel kan vinden om haar te beschrijven met een vrij eenvoudig apparaat, en daarmee de Hyperbool te herleiden tot het vierkant, wat mij de aandacht van de Meetkundigen waard leek.

    [ Afbeeldingen uit Huygens' handschriften van zo'n apparaat zijn gepubliceerd door H.J.M. Bos in het genoemde werk, p. 18.*) Henk Hietbrink laat ze nu ook op middelbare scholen verschijnen [^], en voor mij was het een uitdaging de erbij geschreven tekst te ontcijferen; deze staat gedeeltelijk in X, 411, eind van n. 13.]
[ *)  Ook in: 'Tractional motion 1692-1767', in Italian scientists in the Low Countries ..., 1989, p. 211-3.  Zie ook bij cabri.net.]


[ Ms. Hug. 6, fol. 64r:]
karretje en schuitje
Une charrette, ou un batteau servent a quarrer l'hyperbole. Een karretje of een boot dienen om de hyperbool te kwadrateren.
Si on fait nager sur l'eau un baquet en portion de sphere assez platte, avec un baton posè dessus en equilibre. et que l'on traine l'un des bouts en ligne droite, le point de l'axe de la portion spherique decrira la Tractoria exactement.
Sirop au lieu d'eau.
Als je op water in een bak laat drijven een nogal plat deel van een bol, met een stokje erop in evenwicht gezet, en je sleept één der uiteinden langs een rechte lijn, zal de punt van de as van het boldeel de Tractoria nauwkeurig beschrijven.
Stroop in plaats van water.
Il faut tirer une pointe fichee au centre de la nacelle, et lentement. hand met haak naar schuitje Je moet trekken aan een punt, ingestoken in het midden van het schuitje, en langzaam.
L'aissieu de la nacelle prolongè en haut et rencontrant un fil tendu sur le baquet comme en ω, resoudra le probleme de la quadrature hijperbolique. De naar boven verlengde as van het schuitje zal bij het tegenkomen van een over de bak gespannen draad, zoals in ω, de kwadratuur van de hyperbool oplossen.

[ Ms. Hug. 6, fol. 66r, laatste ontwerp: ]
staaf met glijder
    10 Nov. 1692.
J'ay decrit exactement ma Tractoria ou quadratrice de l'Hyperbole, ayant trouvè, apres avoir essaiè bien des choses, que le stilo ou aiguille (A) qui va le long de la regle doit passer par un petit trou de la piece qui glisse (B), et demeurer suspendue en l'air, avec la verge du compas (CD), par le moien du poids (E sous la table) qui la tient en equilibre, et qui en mesme temps tient le pied tracant (F) perpendiculairement dressè sur le plan horizontal.
La piece B a l'endroit du trou A, doit estre mince.
    10 Nov. 1692.
Ik heb mijn Tractoria of quadratrix van de Hyperbool nauwkeurig beschreven, toen ik had gevonden, na veel dingen te hebben geprobeerd, dat de stift of naald (A) die langs de liniaal gaat, moet gaan door een gaatje van het stuk dat glijdt (B), en in de lucht moet blijven hangen, met de maatstok (CD), door middel van het gewicht (E, onder de tafel) dat deze in evenwicht houdt, en dat tegelijkertijd de schrijfvoet (F) loodrecht op het horizontale vlak gericht houdt.
Het stuk B moet dun zijn ter plaatse van het gat A.


[ 409-411 ]
    Dans l'instrument ou machine que je viens de dire, il faut mener le bout D du fil ou de la verge DA dans la ligne droite DN, & trouver moyen que la pointe A, qui est à l'autre bout, se tienne droite, & qu'elle presse contre le plan horizontal, plûtôt par ressort que par poids; parce qu'ainsi la courbe AK se decrit sans faute qui soit sensible, quoy que le plan ne soit pas exactement de niveau. Et l'on peut savoir si elle a sa veritable figure, en repoussant le bout N de la verge par la même droite ND, parce qu'il faut que la pointe repasse de K en A sur la même trace qu'elle vient de marquer.     In het instrument of apparaat dat ik net noemde moet men het einde D [fig. p. 408] van de draad of staaf DA meenemen op de rechte lijn DN, en een middel vinden zodat de punt A, aan de andere kant, rechtop blijft en drukt tegen het horizontale vlak, liever door veerkracht dan door gewicht; omdat zo de kromme AK beschreven wordt zonder merkbare fout, hoewel het vlak niet precies waterpas is*). En men kan weten of het de ware figuur is door het einde N van de staaf langs dezelfde rechte ND terug te duwen, omdat de punt van K naar A weer over hetzelfde spoor moet gaan dat net getekend is.
    Si cette description, qui par les loix de la Mechanique doit être exacte, pouvoit passer pour Geometrique, de même que celles des sections de Cone qui se font par les instrumens l'on auroit par elle, avec la quadrature de l'Hyperbole, la construction parfaite des Problemes qui se reduisent à cette quadrature; comme sont entre autres la determination des points de la Catenaria, ou Chainette, & les Logarithmes.     Als deze beschrijving, die volgens de wetten van de Mechanica juist moet zijn, zou kunnen doorgaan voor Meetkunde, evenals die van Kegelsneden die met instrumenten worden gemaakt°), zou men daarmee, met de kwadratuur van de Hyperbool, de volmaakte constructie hebben van Problemen die tot deze kwadratuur zijn te herleiden; zoals onder andere de bepaling van punten van de Catenaria of kettinglijn [<], en Logaritmen [>].

    *)  In noot 15 (uit handschrift): "On n'y peut obtenir la derniere perfection; aussi ne peut on faire une regle droite ..."  [men kan er niet de hoogste volmaaktheid in verkrijgen; zo kan men ook geen rechte liniaal maken].
    [ °)  Zie bij Hietbrink: tuych-werckelycke beschrijving.
Joella G. Yoder, 'Following in the footsteps of geometry': the mathematical world of Christiaan Huygens, in De zeventiende eeuw, 12 (1996) 83-93: "Huygens' physicalization of geometry".
J. S. Groot, 'Klopt Huygens' beschrijving van de tractrix?', in Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde, 71 (2005, 9) 274-278.
Viktor Blåsjö, Transcendental curves in the Leibnizian calculus, proefschrift, 2016.]




No 2817.

Christiaan Huygens aan Constantijn Huygens jr.

Hofwijck, 1 september 1693.

    . . .     . . .

[ 488 ]
. . . pendant vos combats, je passois tranquillement le temps à Hofwijck, où depuis peu de jours j'ay fait construire un bon tuyau quarré d'ais de sapin pour mon verre de 45 pieds, tant pour la satisfaction des personnes de qualitè qui me prient de leur montrer la Lune et les Planetes et qui ont trop de peine a se servir du fil sans tuyau que pour moy mesme; parce qu'on observe mieux et plus commodement de cette façon. Car puisque Mr. Cassini asseure qu'il voit tous les 5 Satellites de Saturne avec des lunettes de moindre longueur, pourquoy ne les verrois je pas aussi? Je regrette de n'avoir pas emploiè de tuyau il y a 6 ans, car asseurement cela vaut mieux, que de la maniere que j'avois inventée, laquelle il faut pratiquer dans des longueurs au de la de 80 pieds, ou les tuyaux ne peuvent aller. J'ay eu assez de peine de venir a bout de celui de 45 pieds, qui pese plus de 200 livres, et en a autant pour contrepoids de l'autre costè de la poulie. Vous le verrez avec plaisir, comme aussi le pied pres de l'oeil qui est tres commode. . . . tijdens jullie gevechten bracht ik rustig de tijd door in Hofwijck, waar ik sinds kort een goede vierkante buis heb laten maken van planken van vurenhout voor mijn glas van 45 voet, zowel ten genoege van voorname personen die mij verzoeken hun de maan en de planeten te laten zien en die teveel moeite hebben zonder buis de draad te gebruiken, als voor mezelf; aangezien op die manier beter en gemakkelijker is waar te nemen. Want aangezien Mr. Cassini verzekert dat hij alle 5 satellieten van Saturnus ziet met kijkers die minder lang*) zijn, waarom zou ook ik ze dan niet zien? Ik heb er spijt van dat ik 6 jaar geleden geen buis heb gebruikt, want dat is zeker beter dan de manier die ik had uitgevonden°), die toegepast moet worden bij lengten boven 80 voet, die buizen niet kunnen hebben. Ik heb vrij veel moeite gehad het klaar te spelen met die van 45 voet, die meer dan 200 pond weegt, en die evenveel heeft als contragewicht aan de andere kant van de katrol. Het zal je genoegen doen hem te zien, zoals ook de steun dichtbij het oog die heel handig is.

steun voor telescoop     *)  Zelfs met glazen van 34 voet ... Zie No. 2427, noten 2 en 3: Journal des Sçavans, 22 april 1686 [p. 97-106; 34 voet: p. 104] en Phil. Trans. juni 1687, No. 187 [p. 299-306].
[ De 5 manen: Titan (<), Japetus en Rhea (<), Thetys en Dione.]

    °)  De manier beschreven in Astroscopia Compendiaria [1684; Ned.].
    [ XV, 160-1: waarneming van Saturnus, Hofwijck, 24 aug. 1693, met daarbij een figuur (zie rechts) van een telescoop-steun; hoogte en helling van de arm zijn instelbaar, om een hemellichaam makkelijk enige tijd te kunnen volgen.
Vergelijk de tekening in brief No. 593 (5 maart 1659 aan Boulliau) en een opmerking uit 1660 (T. 3, p. 139) over zo'n lange kijker in Italië: "verwondere dat geen stut aen 't oogh is".]




[ 598 ]
No 2850.

Christiaan Huygens aan Constantijn Huygens jr.

Den Haag, 2 april 1694.

    Je suis surpris de ce que Mad.e de Zuylichem m'envoie dire que vous me demandez response a la lettre que vous m'avez escrite du 5me mars. Car je vous ay fait cette response dès le 19 du mesme mois . . .     Ik ben verbaasd dat Mevr. van Zuylichem me laat zeggen dat je mij om antwoord vraagt op de brief die je me op 5 maart hebt geschreven. Want ik heb je dit antwoord al op de 19e van die maand geschreven . . .
Le contenu estoit a peu pres, que je vous remerciois d'avoir fait tenir a mr. Fatio tout ce que je vous avois donnè pour luy . . .
. . . Philosophical Transactions, vous priant de ne pas oublier d'apporter avec vous cette 17e et autres . . .
. . . chercher pour moy un traitè publiè depuis peu, dont le titre est Horological instructions . . .
. . . que le livre de mr. Witsen ne paroissoit pas encore en public, quoyque il y en a qui disent qu'il est achevè d'imprimer.
De inhoud was ongeveer, dat ik je bedankte dat je mr. Fatio alles hebt doen toekomen wat ik je voor hem had gegeven . . .
. . . Philosophical Transactions, en ik verzocht je niet te vergeten dat 17e en andere mee te brengen . . .
. . . voor mij een verhandeling te zoeken, pas uitgegeven, met de titel Horological instructions [Smith, 1694] . . .
. . . dat het boek van mr. Witsen nog niet verscheen, hoewel sommigen zeggen dat het al gedrukt is.*)

Que mon Traitè de Planeticolis estoit achevè, mais comme il estoit moitiè en Latin moitiè en Francois, il me restoit a mettre tout en Latin. que j'estois occupè a cela, mais que la construction de ma nouvelle Horloge pour les Longitudes me causoit beaucoup d'interruption. . . .

Dat mijn Verhandeling over Planeet-bewoners [>] klaar was, maar daar deze half in het Latijn was en half in het Frans, me nog overbleef alles in het Latijn te zetten. Dat ik ermee bezig was, maar dat de bouw van mijn nieuwe Uurwerk voor de Lengten me veel onderbreking gaf. [<] . . .

. . . satire de Boileau contre les femmes, et Harlequiniana . . .
. . . Moses Vindicatus du Sr. Grauerol contre les Archaeologiae de Burnet . . .
. . . vous prier de faire chercher un Traitè de Harmonia . . .
Les oeuvres de Wallis doivent desia se vendre comme je crois, mais je n'en veux point parce qu'elles seront trop cheres, et que j'en ay une grande partie separement. . . . son Traitè d'Algebre . . . en Latin, avec quelque chose de Newton qu'on estime beaucoup.

. . . satire van Boileau tegen de vrouw, en Arliquiniana [Cotolendi] . . .
. . . Moses Vindicatus van Sr. Graverol tegen de Archaeologiae van Burnet°) . . .
. . . je verzoeken een Verhandeling over Harmonie [Holder] te zoeken . . .
De werken van Wallis moeten al te koop zijn naar ik geloof, maar ik wil ze niet omdat ze te duur zijn, en ik ze grotendeels apart heb. . . . zijn Verhandeling over Algebra . . . in het Latijn, met enkele dingen van Newton#) die zeer gewaardeerd worden.

[ *)  Noord en Oost Tartarye, inderdaad gedrukt (1692) maar niet gepubliceerd, zie Marion Peters, De Wijze Koopman (2010) h. 5, p. 185-.  Ed. 1705 bij DBNL.]
[ °)  Burnet's boek was besproken in Phil. Tr. 17 (1693), p. 796-812.]
[ #)  Joh. Wallis, De algebra tractatus; historicus & practicus, Oxon. 1693, p. 357, 368-.]





[ 639 ]
No 2863.

G. W. Leibniz aan Christiaan Huygens.

Den Haag, 22 juni 1694.

. . .  vous exhorter de ménager vostre santé, d'autant plus que j'apprends par vostre lettre même, qu'elle a esté un peu chancelante. Plût à Dieu que nos études servissent à nous faire avancer considerablement dans la medecine. Mais jusqu'icy cette science est presqu'entierement empirique. Il est vrai que l'Empirie même seroit de grand usage, si on s'attachoit à bien observer, et même à bien employer tant d'observations déja faites, mais comme la Medecine est devenue un Mestier, ceux qui en font profession ne la font que par maniere d'acquit, et autant qu'il faut pour sauver les apparences; scachant bien que peu de gens sont capables de juger de ce qu'ils font. . . .  u aan te sporen aan uw gezondheid te denken, temeer omdat ik uit uw brief zelf verneem, dat deze een beetje wankel is geweest. Moge het God behagen dat onze studies dienen om ons in de geneeskunde aanmerkelijk verder te doen komen. Maar tot dusver is deze wetenschap bijna geheel empirisch. Weliswaar zou de Empirie zelf van groot nut zijn, als men zich wijdde aan goed waarnemen, en zelfs aan het goed gebruiken van zoveel al gedane waarnemingen, maar aangezien de Geneeskunde een Ambacht is geworden, doen degenen die er hun beroep van maken er slechts routine­matig aan, en voorzover nodig om de schijn op te houden; wel wetend dat weinig mensen in staat zijn te oordelen over wat ze doen.
Je voudrois que quelque ordre religieux, tel que celuy des Capucins par exemple, se fût attaché à la Medecine par un principe de charité. Un tel ordre bien reglé la pourroit porter bien loin. Ik zou willen dat een religieuze orde, zoals die van de Kapucijnen bij voorbeeld, zich uit een principe van barmhartigheid had gewijd aan de Geneeskunde. Zo'n orde met goede regels zou haar heel ver kunnen brengen.






Home | Christiaan Huygens | X | Parels uit brieven 1691-95 (top)